Na de bevalling begint de kraamtijd, die in de regel zes weken duurt. Dit is de periode waarin je lichaam herstelt van de zwangerschap en de bevalling — en waarin je veel nieuwe indrukken opdoet, zeker als je voor het eerst bevallen bent. Je zult niet de eerste moeder zijn die ineens overloopt van nieuwe emoties en twijfels.
Wat is de kraamtijd?
De kraamtijd is ook een heerlijke periode: je hebt een kraamverzorgster om je heen die je van alles uit handen neemt — maak daar vooral gebruik van. Bevallen is meestal een zware klus en je lichaam kan echt wat extra rust gebruiken. De kraamverzorgster komt de eerste acht dagen bij jullie thuis om jullie alles te leren over de verzorging van de baby, om de medische controles uit te voeren en om veel tips te geven.
Wijzelf komen in die tijd een aantal keren bij jullie langs, omdat we verantwoordelijk zijn voor de medische zorg tijdens het kraambed.
Controles tijdens de kraamweek
Na de bevalling komen wij, als supervisor van de kraamverzorgende en als eindverantwoordelijke, nog een aantal keren bij je thuis. We houden in de gaten hoe het medisch en psychisch met jou en de baby gaat en adviseren waar nodig de kraamverzorgende en de kraamvrouw.
Herstel en ontwikkeling
In het algemeen houden we het herstel van de moeder en de eerste ontwikkeling van het kind in de gaten. We bespreken de bevalling met je, beantwoorden je vragen en bespreken het verdere herstel van je lichaam. Daarbij komt ook anticonceptie aan de orde. Na ongeveer vier dagen doen we ook de hielprik bij de baby.
De hielprik
Op of na de vierde dag doet een van ons tijdens de visite de hielprik bij de baby. We nemen wat bloed af uit de hiel en sturen dat naar een speciaal laboratorium. Het bloed wordt onderzocht op een aantal zeldzame ziektes: onder andere schildklierafwijkingen, een ziekte van de bijnier, een bloedziekte (sikkelcelziekte) en een aantal stofwisselingsziekten. De meeste daarvan zijn erfelijk. Ook wordt gekeken naar dragerschap van bepaalde ziektes. Ze komen gelukkig niet vaak voor; de aandoeningen zijn niet te genezen, maar wel te voorkomen, bijvoorbeeld met medicijnen of een dieet.
Is de uitslag goed, dan ontvang je geen bericht. Blijkt dat je kind misschien een aangeboren ziekte heeft, dan krijg je binnen drie weken bericht en kun je contact met ons opnemen om het vervolg te bespreken.
Aan het einde van de zwangerschap krijg je van ons een folder met meer informatie over de hielprik. Wil je nu al meer weten? Kijk op pns.nl/hielprik.
Aangifte van de geboorte
Aangifte van de geboorte en naamkeuze moet binnen drie werkdagen gebeuren bij de Burgerlijke Stand van de gemeente waar de baby geboren is.